van wit naar wit/gele gordel


van geel naar geel/oranje gordel


van oranje naar oranje/groen


naar groen /blauwe gordel


van blauw./paars gordel


Paars naar bruin




In de judo maakt men een onderscheid tussen leerlinggraden (kyu) en meestergraden (dan). De graad is herkenbaar aan de kleur van de gordel (obi). Men begint met een witte gordel (6de kyu). Door telkens een examen af te leggen kan men verhogen van graad: eerst behaald men een gele gordel (5de kyu), dan oranje (4de kyu), groen (3de kyu), blauw (2de kyu) en tenslotte bruin (1ste kyu - paars voor de -15-jarigen).


Indien je nog niet de vereiste leeftijd hebt bereikt zijn er examens voorzien om tussenliggende graden te behalen, zoals de wit-gele gordel, de geel-oranje gordel, enz.
De lesgever (meester of sensei) bepaalt wanneer men een examen mag afleggen om te verhogen van graad.

 

In onze club wordt gewerkt met een stempelkaart. Elke training komt er een stempeltje bij. Als de kaart vol is, mag men in het begin van de daaropvolgende maand het examen afleggen, rekening houdend met de leeftijd. Tegen dan word je verondersteld alle nodige technieken te kennen. Je moet steeds de leerstof van alle lagere graden blijven kennen.

De -14-jarigen kunnen hun examen in gedeelten afleggen. Telkens ze geslaagd zijn in een ander onderdeel, mogen ze een streepje op hun gordel zetten. Bij het behalen van het laatste streepje krijgen ze een hogere graad.

Ook de gordels van de dan-graden hebben verschillende kleuren: zwart (van 1ste t.e.m. 5de dan), rood-wit (6de t.e.m. 8ste dan), rood (9de en 10de dan). Na zijn dood verkreeg Jigoro Kano de graad van 12de dan (een brede witte gordel).

 

Bron oefenprogramma's: Vlaamse Judofederatie